Windenergie op land

U bent hier

Elektriciteitsnet

Het elektriciteitsnet in Nederland bestaat uit een hoogspanningsnet en de distributienetten naar regionale netten waar de uiteindelijke gebruiker op is aangesloten. Windturbines op land worden meestal aangesloten op het net van de regionale netbeheerder.

Het landelijke hoogspanningsnet

Via het landelijk hoogspanningsnet transporteert Nederland grote hoeveelheden elektriciteit over langere afstanden. Dit transportnet zorgt ook voor verbindingen met omringende landen. Het landelijk transportnet bestaat uit drie soorten hoogspanningslijnen en -kabels: verbindingen van 380 kilovolt (kV), 220 kV en 150 kV. Deze verschillende spanningsniveau’s worden ook wel netvlakken genoemd. Dit zijn de standaardwaarden in Europa voor het transport van grote hoeveelheden elektriciteit.

TenneT

Tennet beheert in heel Nederland de 380 kV- en 220 kV-netwerken en de 150 kV-verbindingen in Zuid-Holland. Via stations zijn alle hoogspanningslijnen en -kabels met elkaar verbonden. Het transportnet vertakt zich in 27 distributienetten, de regionale netten. De distributienetten van de regionale netbeheerders transporteren elektriciteit naar de eindverbruikers.

Ringstructuur

Het hoogspanningsnet van TenneT is opgebouwd uit twee ringen. Een kleinere ring (220 kV en 380 kV) in Noordoost-Nederland en een grotere ring (380 kV) die min of meer de rest van Nederlandbedient. Vanuit de grote ring gaan 380 kV-netten naar de Randstad en Zeeland. Het grote voordeel van de ringstructuur is dat bij een storing TenneT bijna heel Nederland van stroom kan blijvenvoorzien. Dit gebeurt door de elektriciteit de andere kant op te sturen. Tennet is bezig met het verzwaren en uitbreiden van het hoogspanningsnet. Voorbeelden zijn Randstad 380 kV, Noord West 380 kV,Zuid-west 380 kV, Doetinchem-Wesel 380 kV.

Regionale netten

De regionale netten liggen meestal ondergronds. Het regionale net voorziet alle klanten in de regio van stroom. De regionale netbeheerder is verplicht iedere partij die daarom vraagt toegang te bieden tot het elektriciteitsnet. Het doet er niet toe of het een aanbieder of een afnemer is of van wie of aan wie geleverd wordt. De netbeheerder is ook verplicht om de gehele administratie rondom de levering van elektriciteit bij te houden.

De regionale netten bestaan uit transmissienetten van 150 kV en 110 kV, die uiteindelijk gekoppeld zijn aan lokale distributienetten. Woningen en kantoren zijn aan deze netten aangesloten. Grootverbruikers kunnen ook op zwaardere netten zijn aangesloten. Een en ander verschilt per netbeheerder en is schematisch verduidelijkt in de netwerkkaart van Tennet.

Levering van windstroom in de praktijk

Windturbines op land worden meestal aangesloten op het net van de regionale netbeheerder. Voordat de stroom die de windturbine produceert het net ingaat, brengt de windparkbeheerder de stroom op het goede spanningniveau en de juiste kwaliteit. Dit gebeurt via een transformatorstation bij de windturbine of bij het windpark. Daarbij houdt hij rekening met de eisen over het blindvermogen. Het blindvermogen is het deelvan de elektriciteit dat nodig is om elektrische velden op te bouwen. Daardoor krijg je de juiste spanning voor levering aan het elektriciteitsnet en om transformatoren  te laten werken.

Windturbines kunnen door blindvermogen-compensatie meehelpen spanning in het elektriciteitsnet op een constant niveau te houden. De elektronica in de molens kan pieken en dalen in de netspanning effectief corrigeren.

Vraag en aanbod elektrisch vermogen

De vraag naar elektrisch vermogen verschilt van seconde tot seconde. Zodra er een vraag naar elektriciteit ontstaat doordat een klant een apparaat inschakelt, wordt er via het netenergie geleverd. Wanneer vraag en aanbod niet gelijk zijn ontstaan er problemen. Sinds er vrije handel van elektrische stroom bestaat, zorgt het handelssysteem voor de afstemming van vraag enaanbod. Doordat windturbines op het regionale net leveren, bedienen zij direct de fysieke vraag in dat net. Per saldo loopt er daardoor dus minder energie over de verbinding van dat net met hetlandelijk hoogspanningsnet. Windenergie draagt daarmee bij aan een lagere netbelasting van het hoogspanningsnet.